Gisteren mocht ik weer een lesje stijldansen geven in ons keuzeprogramma op school. Voor het eerst heb ik ook een jongen erbij! Een echte held hoor, als enige jongen tussen 26 meiden én een van de weinige eersteklassers…
Nog voor de les had hij mijn dag al goedgemaakt door te zeggen dat hij in de vakantie had geoefend voor het dansen. Niet zomaar geoefend, nee: hij had de heupbewegingen bij de chachacha geoefend. Die had ik voorgedaan als ‘wat het uiteindelijk zou moeten worden, als je doorgaat met dansen’.
In de les kwamen de aantallen niet uit en stond ik dus zelf met hem te dansen. Ik had gezegd dat de dames alléén mochten draaien als hun ‘heer’ dit aangaf, als ‘hij’ zijn hand niet op tijd omhoog hield, danste de dame dus gewoon basispassen. Andersom mag de heer ook onverwacht zijn hand omhoog brengen en dan moet de dame draaien, óók als ik als docent de gewone passen tel.
Ik ben aan het multitasken (met M. dansen, hardop voor de hele groep meetellen én in de gaten houden wat er misgaat bij de koppels die er niet uit komen) en als M. zijn hand omhoog brengt, heb ik dat te laat door.
Ik: “O, sorry, ik zal weer even op jou letten in plaats van op de rest”.
M: “Misschien gaf ik het wel gewoon te laat aan.”
(Nogmaals, WAT EEN HELD. Niet alleen kan hij dus na drie lessen al praten en dansen tegelijk, hij heeft ook nog door waar het mis kan zijn gegaan. En het mooiste: hij wordt absurd vrolijk van dansen, of het nu goed of minder goed gaat).
Ik: “Dat zou kunnen. Of ik ben gewoon te koppig om goed te luisteren.”
Hij grinnikt even, kijkt me aan en zegt met uitgestreken gezicht: “Ja, dat zal het wel zijn inderdaad.”

Leave a Reply