L: “Hé, wat heb ik eigenlijk in deze fles zitten?”
Hij schudt met zijn Dopper met sportdop en een bruine substantie spuit eruit op de tafel van I. Meteen springen I. en R. overeind.
I: “Wat IS dit?!”
R: “Gatver!”
Andere leerlingen beginnen ook te roepen en houden hun shirt voor hun neus.
Ik: “L., ga eens gauw wc-papier halen om het op te ruimen!”
I: “Bah, het stinkt echt heel erg!”
Het blijft onrustig en ik loop in hun richting als de geur mijn neus bereikt. Ik wilde gaan zeggen dat ze zich niet zo moeten aanstellen, maar dit is geen aanstellen, deze kinderen zijn helden dat ze nog niet zijn weggerend. De geur is een soort combinatie van Hamka’s chips met iets zurigs als braaksel. Ik sta nog net niet te kokhalzen en gooi snel het raam verder open.
P: “Waarom doet iedereen zo raar? Zo erg is het echt niet.”
Ik: “Zo erg is het echt wel.”
P. loopt naar de tafel en hangt boven de bruine substantie te snuffelen, zonder zijn gezicht te vertrekken.
P: “Oké, dus het stinkt. Maar jullie stellen je echt aan”.
Ik denk: “Wat?! Die jongen heeft een nieuwe neus nodig.”
P: “Het zijn Hamka’s, die gooit hij serieus in de blender met ranja en melk.”
Ik heb door dat P. een grapje maakt, maar het verhaal gaat meteen een eigen leven leiden en gaat de hele klas rond. Ik wed dat dit verhaal L. nog gaat achtervolgen.
Tegen de tijd dat L. terug is met het papier, heeft de geur het hele lokaal gevuld en zit iedereen zijn komst angstvallig af te wachten. Ik was op weg naar de wc voor papier – aangezien hij maar niet terugkwam – en kom hem op de gang tegen.
Ik: “L., zeg me dat je niet helemaal naar de jongens wc bent gegaan.”
L: “Uhm…”
Ik: “Je weet dat er gewoon één deur verder een meisjes wc is hè? Laat maar, ga maar gauw poetsen want het stinkt echt erg.”
P: “Ja, wat zat er nou eigenlijk in?”
Ik: “Ik gok op iets normaals, maar dan al heel lang…”
Grinnikend en met rode wangen begint L. de troep op te ruimen.
L: “Het is gewoon chocomel joh… Alleen dan een weekje ofzo oud.”

Leave a Reply